klimaatverdrag logoDoelstelling van het Klimaatverdrag was: "De uitstoot van broeikasgassen te reduceren en daarmee ongewenste gevolgen van klimaatverandering te voorkomen."

In 1995 komen alle deelnemers aan het Klimaatverdrag weer bijeen. In VN-jargon spreken de deelnemer over de Conferentie van Partijen (Engels: Conference of Parties, COP). Daar spreekt men af om elk jaar bij elkaar te komen om te kijken wat er van de plannen terecht is gekomen. De COPs worden genummerd.

COP-1 vindt plaats in 1995 in Berlijn (Duitsland). COP-2 vindt plaats in 1996 enz.

Al bij COP-3 in Kyoto (1997 in Japan) is duidelijk dat van de afspraken er niet veel terecht is gekomen. Nog steeds stijgt in de meeste landen de uitstoot van broeikasgassen in plaats van de afgesproken vermindering. De 160 deelnemende landen stellen het Kyoto-protocol op. Dat zegt dat de uitstoot van broeikasgassen in 2012 5,8% lager moet zijn dan in 1990. Ook spreekt ieder land af hoever het de uitstoot zal beperken. Zo belooft Nederland in 2012 6% minder uit te stoten, België 7,5% en de VS 8%.

kyotoprotocolSommige landen ondertekenen dit protocol, maar enkele landen die veel broeikasgassen uitstoten doen dat niet, de VS bijvoorbeeld. De meeste landen wachten met ondertekenen tot ze zeker weten dat andere landen dat ook doen. Ze willen wel iets doen aan hun uitstoot van broeikasgassen. Maar dan alleen als hun economie daardoor blijft groeien.

Ontwikkelingslanden twijfelen eraan of ze het protocol gaan tekenen. Ze zeggen dat de rijkste landen de grootste uitstoot hebben. Die moeten dan maar het goede voorbeeld geven. Ook vinden ze dat ze meer recht hebben op economische groei (met een toename van de welvaart) dan rijke landen.

De VS willen niet dat fabrieken in ontwikkelingslanden kunnen concurreren met die in de VS zelf, omdat ze zich niet aan strenge en dus dure milieueisen hoeven te houden. Dat vinden de VS oneerlijk. Nadat hij in januari 2001 president van de VS is geworden, laat George W. Bush weten dat hij er niet over denkt om het protocol te tekenen.

Vraag 
2) Wat vind je van de eis van de ontwikkelingslanden? Geef een argument voor en een argument tegen die eis.
vorigestapvolgendestap